Aan initiatieven om Oud Batavia in Jakarta als gebied te revitaliseren geen gebrek de afgelopen honderd jaar. Veelal bleef het echter steken bij het realiseren van nieuwe musea. Sinds kort is er in de Indonesische stad een nieuwe beweging ontstaan die zich waagt aan een nieuwe poging. Zou het dit keer wel lukken?  

 

Kota Tua, oude stad in het Bahasa Indonesia, wordt het in Jakarta genoemd. Het historische stadsdeel waar de ‘relicten’ van het oude Batavia liggen. Het gebied heeft te maken met vervuiling, overstromingen, verkeerschaos, vervallen panden en slechte woon- en leefomstandigheden. Toch lijkt het onmogelijk niet geraakt te worden door deze met erfgoed begunstigde en tegelijkertijd vanwege de koloniale geschiedenis beladen plek. Je voelt letterlijk de culturele, educatieve en toeristische potentie van het gebied. Dit besef is ook in Jakarta aanwezig en wordt nu omgezet in daden. Elf grote bedrijven uit de private en publieke sector hebben de handen ineen geslagen om van Oud Batavia een creatieve en culturele broedplaats te maken met ruimte voor horeca, kantoren, wonen, toerisme en evenementen. Om dit te bereiken hebben zij een consortium opgericht: Jakarta Old Town Revitalization Corporation (JOTRC).

Op 11 november 2015 vond er een expertmeeting over Kota Tua plaats bij ARCAM in Amsterdam. Sylviana Murni van DKI Jakarta Government en Punto Wijayanto van de Indonesian Heritage Trust vertelden over de recente ontwikkelingen op erfgoedterrein in Jakarta en Indonesië. Zij waren in Nederland op uitnodiging van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en DutchCulture om mogelijkheden voor samenwerking met Nederlandse instanties af te tasten, bijvoorbeeld met Stadsherstel Amsterdam. Bijzonder inspirerend was Lin Che Wei, CEO van JOTRC. Hij vertelde bevlogen over de implementatiestrategie ’think big, start small, quick wins’. Dertien panden/bouwblokken worden gerestaureerd en krijgen een nieuwe functie. De informele sector (straatverkopers) wordt gereorganiseerd en de openbare ruimte verbeterd. Een fonds – Jakarta Endowment For Art and Heritage (JEFORAH) – ondersteunt culturele activiteiten. Kota Tua maakt zich op voor een tweede leven in zijn bestaan.

Café Batavia aan Fatahillah Square. Het pand helemaal rechts is recent gerestaureerd, het vervallen gebouw links op de foto wordt binnenkort door JOTRC opgeknapt en herbestemd.

Café Batavia aan Fatahillah Square. Het pand helemaal rechts is recent gerestaureerd, het vervallen gebouw links op de foto wordt binnenkort door JOTRC opgeknapt en herbestemd. Foto: Peter Timmer

Een terugkerende droom

Oud Batavia nieuw leven in blazen is een terugkerend thema in de geschiedenis. Het bestuurlijke en maatschappelijke zwaartepunt van Batavia in de kolonie Nederlands-Indië lag meer landinwaarts. Veel gebouwen uit de VOC-periode in Oud Batavia werden aan hun lot over gelaten. In 1931 werd de stichting ‘Oud Batavia’ opgericht. Deze stichting redde een kerk, een ophaalbrug en een stadspoort van de sloop, en voegde een museum in een pand in ‘oud-Hollandschen stijl’ en een monument voor Jan Pieterszoon Coen (stichter van Batavia) toe. Na de onafhankelijkheid van Indonesië zette het verval weer in. Gouverneur Ali Sadikin probeerde in de jaren zeventig het tij alsnog te keren. Zijn doel was Kota Tua te transformeren tot toeristische bestemming met accommodaties voor kantoren en andere stedelijke functies. Inadequaat overheidsmanagement en het wegvallen van de belangrijkste geldschieter – een internationale projectontwikkelaar – verhinderde dat. Wel werden verschillende panden opgeknapt en museale instellingen toegevoegd zoals het Wayang Museum, het Maritiem Museum en het Geschiedkundig Museum.

Gebrek aan betekenis

Het realiseren van een alomvattende revitalisatie van Kota Tua is complex. Het oplossen van de wateroverlast, milieuvervuiling en verkeersproblematiek vereist een aanpak op stadsniveau, gigantische investeringen en lange termijn planning. Hoewel er verschillende initiatieven waren sinds de onafhankelijkheid van Indonesië, bleef een brede beweging in de samenleving die dit ondersteunde achterwege. Kota Tua had blijkbaar te weinig economische of sociaal-culturele betekenis voor het Indonesië van de 20e eeuw. De jonge republiek had als ontwikkelingsland andere prioriteiten, niet in de laatste plaats het bewaren van de eenheid van het land. Er was weinig animo om het ‘glorieuze verleden’ van de voormalige koloniale overheerser te bewaren voor het nageslacht. Cultureel erfgoed dat bijdroeg aan nation building, zoals de Borobudur, kreeg meer aandacht.

In en rond Kota Tua liggen ook urban kampung waar de woon- en leefomstandigheden te wensen overlaten, zoals hier naast het Maritiem Museum.

In en rond Kota Tua liggen ook urban kampung waar de woon- en leefomstandigheden te wensen overlaten, zoals hier naast het Maritiem Museum. Foto: Peter Timmer

Gunstige context

Tegenwoordig is de context gunstiger. Indonesië is Nederland inmiddels voorbij gestevend op de lijst van grootste economieën (naar GDP) ter wereld. Aan geld geen gebrek en dat manifesteert zich ruimtelijk in talloze wolkenkrabbers en zo’n tweehonderd grote shopping malls. Het politieke draagvlak om Kota Tua op te knappen is groter dan ooit volgens Sylviana Murni van DKI Jakarta. Gouverneur Joko Widodo -tegenwoordig president van het land – heeft daarvoor veel in gang gezet. Het oude Batavia is zelfs voorgedragen voor een plek op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Zo wordt de revitalisatie minder afhankelijk van de grillen van de lokale overheid. Samen met Nederland wordt ook gewerkt aan een megaproject voor de kust, gericht op landaanwinning met woningbouw en het oplossen van de water- en verkeersproblematiek.

Het draagvlak in de samenleving is eveneens toegenomen. Erfgoed is populair in Indonesië, met name onder de nieuwe generatie die het koloniale verleden niet heeft meegemaakt en ook niet beïnvloed is door antikoloniale propaganda van het voormalige autocratische regime. De opkomende middenklasse heeft nieuwe behoeften en roert zich steeds meer in het sociale en culturele domein. Meer dan ooit is het de private sector die de handschoen oppakt. Alleen al in Kota Tua zijn ongeveer veertig NGO’s actief, waaronder een groot aantal op het terrein van erfgoed en kunsten. De private bedrijven van JOTRC willen iets betekenen voor hun land vanuit de overtuiging dat een modern Indonesië zijn verleden niet verwaarloost. Maar ook kleine ondernemers, die een restaurant beginnen en/of een creatieve hotspot willen creëren aan deze kant van de stad, dragen bij.

De kracht van het getal zal in Jakarta – een stedelijke agglomeratie van ongeveer 30 miljoen inwoners – economisch het verschil gaan maken. Op een doorsnee zaterdag zijn er nu al zo’n 15.000 tot 20.000 bezoekers te vinden op en rond Fatahillah Square, het centrale stadsplein in Kota Tua. Qua populariteit en vastgoedwaarde zit het gebied in de lift. Aan potentiële huurders geen gebrek, een recent opgeknapt pand bij het station trok maar liefst zeventien gegadigden. Dit is een gevolg van een hoge vraag en een beperkt aanbod, aldus Lin Che Wei. Volgens hem is het slechts een kwestie van tijd voordat Kota Tua een van de meest gewilde plekken in Jakarta wordt om te wonen, werken en recreëren.

Foto-3-en-4-Kota-Tua

Het aanbod aan horecagelegenheden neemt toe. Historia Café (rechts) is een particulier initiatief. Studenten van de kunstacademie lieten zich voor het interieur inspireren door het verleden. Foto’s: Peter Timmer

Het eerste gerealiseerde project van JOTRC: het postkantoor aan Fatahillah Square is gerestaureerd en op de eerste verdieping zit nu een kunstgalerie.

Het eerste gerealiseerde project van JOTRC: het postkantoor aan Fatahillah Square is gerestaureerd en op de eerste verdieping zit nu een kunstgalerie. Foto’s: Peter Timmer

Immense opgave

Kwantiteit zegt alleen niet alles en tijd is een relatief begrip in een politiek klimaat waarin de korte termijn nogal eens regeert. Zal het lukken de revitalisatie zo te realiseren, dat deze ook kwalitatief en duurzaam zal zijn? Dat betekent voldoende inhoudelijke diepgang en integraliteit bereiken, zodat het gebied in al haar facetten tot zijn recht komt (en ten volle benut wordt). Zullen de plannen bijvoorbeeld ook bijdragen aan betere leef- en woonomstandigheden voor de lagere klasse in Kota Tua? Of wordt Kota Tua alleen een reservaat voor de elite, misschien wel het zoveelste shopping mall, maar dan in de openlucht met het verleden slechts als vermakelijk decor? Deze aspecten lijken de aandacht te hebben, zo bleek tijdens de bijeenkomst in ARCAM op 11 november.

Vast staat dat de opgave immens is en de huidige poging het gebied te revitaliseren indrukwekkend is. Wanneer Lin Che Wei begint over de overheidsbureaucratie die hij moet overwinnen, dan begrijp je dat het niet eenvoudig is. Het vergt een lange adem en hopelijk leiden alle hobbels die nog komen gaan niet (weer) tot uitstel. Al die enthousiaste NGO’s en private investeerders in het gebied verdienen meer dan dat!

 

Peter Timmer is senior adviseur bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. In samenwerking met verschillende Indonesische en Nederlandse instanties is hij betrokken bij revitalisatie van historische binnensteden in Indonesië. Dit krijgt vorm in het kader van het Gedeeld Cultureel Erfgoedbeleid van de Nederlandse overheid.

Leesvoer: Tarekat, H., Timmer, P., Patel, R., Wijayanto, P., Public Interest, Private Initiative, Amersfoort 2015